27 apr 2017

De financiële tussenkomsten van het OCMW: Hoe zit dat in Gent?

De afgelopen dagen was er heel wat te doen over de tussenkomsten van OCMW's in diverse kosten. Elk OCMW kan zelf bepalen waarvoor ze naast het leefloon tussenkomen, en waarvoor niet.  Het was CD&V-kamerlid Nahima Lanjri die dinsdag de kat de bel aanbond. Ze vond het niet kunnen dat je afhankelijk van waar je woont wel of niet moet bijdragen in de kosten van de opname in een woonzorgcentrum van je ouder(s). Haar voorstel: OCMW's verplichten om een bijdrage te vragen van ieder kind waarvan de ouder bij het OCMW aanklopt om hulp te vragen bij de factuur van het woonzorgcentrum. Als kamerlid, maar ook OCMW-raadslid, geeft Evita Willaert haar kijk op de zaken. 

De kijk van Evita: Wat is de situatie in Gent?

Het is onze sociale zekerheid die moet garanderen dat een onvermogende die nood heeft aan een tandprothese, deze ook kan krijgen. Het is de Vlaamse overheid die ervoor moet zorgen dat kinderen niet worden aangesproken om bij te leggen voor hun ouders in een woonzorgcentrum. Het is de federale overheid die een menswaardig bestaan moet garanderen en het leefloon moet optrekken tot de armoedegrens. Op dit moment zijn bovenstaande treffende voorbeelden nog geen realiteit. En zijn we dus genoodzaakt om met het Gentse OCMW zelf maatregelen te nemen, omdat wij voor elke Gentenaar een bestaan willen verzekeren dat voldoet aan de menselijke waardigheid.

Indien een Gentenaar leefloongerechtigd is of een te laag inkomen heeft en een tandprothese nodig heeft, dan zal het Gentse OCMW hierin tussenkomen.
Indien de Gentse senior onvermogend is en naar een woonzorgcentrum wil, dan zullen we in Gent niet aankloppen bij de kinderen. Bij alle private woonzorgcentra die een dagprijs vragen die maximaal 10% hoger ligt dan deze van het OCMW, wat nog steeds het overgrote deel is, zal het OCMW die kosten op zich nemen. Het doet vanzelfsprekend wel eerst een sociaal-financieel onderzoek.

Omdat het leefloon nog steeds onder de armoedegrens ligt, voerden we in Gent het referentiebudget in. Een wetenschappelijke berekening van wat een Gentenaar, afhankelijk van de gezinssituatie, nodig heeft om te overleven. Het verschil tussen het referentiebudget en het leefloon, dat passen we als OCMW bij. Het leefloon optrekken tot de armoedegrens, dat kunnen we in Gent niet, maar we zochten en vonden wel een wijze om een menswaardig bestaan weer iets dichter bij te brengen voor die Gentenaren die het echt nodig hebben.

Duidelijkheid voor iedereen

Laat het duidelijk zijn, een eenvormig sociaal beleid zou een vooruitgang zijn voor iedere inwoner. Het geeft meer bewegingsvrijheid aan ieder van ons en maakt dat er ook een grotere zekerheid bestaat voor wie nood heeft aan hulp. In alle scenario's moet een stad of gemeente steeds kunnen blijven inspelen op lokale situaties. Maar het is moeilijk te begrijpen dat een kind, waarvan de ouders in Antwerpen wonen, wel bijdraagt bij de kosten van het woonzorgcentrum en een kind in exact dezelfde situatie, waarvan de ouders in Gent wonen, niet.

Voordat we echter kunnen spreken over het eenvormig maken van de financiële tussenkomsten van onze OCMW's, is er nood aan een véél doordachter sociaal beleid én bovenal een leefloon en andere minimumuitkeringen die op zijn minst even hoog zijn als de armoedegrens. De armoedegrens, het inkomen dat iemand nodig heeft om te kunnen voorzien in de basisbehoeften, om een menswaardig bestaan te kunnen leiden.

Als dat gegarandeerd is wil ik als kamerlid en OCMW-raadslid beginnen denken over eenvormigheid. Tot dat moment zal ik er in Gent voor blijven strijden om met lokale middelen, een dagelijks verschil te maken voor iedere Gentenaar die het nodig heeft. En hiervoor is het noodzakelijk dat we als Gents OCMW niet verder gereguleerd worden door Vlaamse of federale regelgeving onder het mom van eenvormigheid.  

Reacties

Please check your e-mail for a link to activate your account.